Cumuli foundation
Cumuli is publishing poetry of the Dutch poet Cornelis van der Grift. The first saturday of every month a new poem is released on a small card that is sent to bookshops in Holland and Belgium. Until now the poems are not available in English. You can read them in Dutch, if you like. Touch the button of the month and the poem appears.
[./gbcumulimusicpag.html]
[./indexgbpag.html]
Poetry
[./gbcumuliconcertenpag.html]
[./gbcumuliguitarstudiopag.html]
[./gbcumuliartpag.html]
[./gbcumulieducationpag.html]
[./gbcumuliwebshoppag.html]
[mailto:info@cumuli.nl]

BEELDEN Ontluisterd ideaal ontmaskerde idolen niets dan nietige menselijke woorden. Sier van eenvoud dagelijkse dingen niets blijft over wenselijke dromen. Altijd vernieuwend zoeken naar wegen verborgen. Oude traditie dichter van woorden die worden.
[./gbcumulicompactdiscspag.html]
HET PAARD EN DE EZEL De pakezel gaat met de last op zijn rug zijn weg door de straat telkens heen en terug. Het glanzend paard dat hem gadeslaat gaat in zijn verbeelding de ezel te vlug. Het droompaard denkt dat het pak dat hem pracht geeft hem stempelt tot iemand die wijsheid in pacht heeft en hij nu daardoor tot de adel behoort waarvoor deze ezel zich duidelijk in acht neemt. De pakezel peinst: deze last die ik draag maakt mij in mijn wandel zo uiterst traag; als ik mij verlos van wat ik nu tors sta ik in de achting vast niet meer zo laag. Ezel en paard zijn wezens als wij; maar wie is die ezel, ik of jij?
OKTOBER Lange uren luisteren naar fluisterende populieren bladeren vol ongeduld. Glazen kristallijnen druppelende ruiten watermozaïeken zien uit naar buiten. Tien dagenlange maanden tot dit niet te vermijden getijde van het jaar. Wind waait de wolken weg de wereld kwijnt in het gevecht om leven in het voorjaar. Wie wint er?
STAD Vaste blokken stof tot steen saxofonen ornamenten overslingeren versierend strakke lijnen leegte. Volle aders straatverkeer staande golvende geluiden zoeken wemelende wegen uit de val ontsnappen. Volgen vaste rituelen gaande massa medewezens wegen in dit leven. Totdat deze stille stad voor een enkel eenzaam uur verwordt tot labyrint van rust.
KINDERLYCK Rijg de woorden aan elkaar parelende druppels water bevroren vasthouden om later weer te zien, nietwaar? Bloemen ademen op ruiten vriezen buiten in de wind kleine adem van het kind dat er ooit was: een liedje fluiten! Zelfs de ramen zijn bevroren vorm de sneeuw met warme hand zinderend gaan om de oren rood nog van de koude wind woorden geschreven als een kind.
CRYPT-O-GRAM Noem een Frans ritme het verkeerde been; plaag An na deze ziekte echter niet. Weerszijdig kort, het heeft met rum gemeen dat je'r toch heus een verse voet in ziet. Het is een schande zo'n gedicht te eren hoe ongerijmd sist de Chinese drank. Ik raad met klem de toon niet om te keren: Latijnse kunst is per vers pond heus blank. De tweede regel is het beentje lichten; geen letter lucht vormt binnen in de klank een versloos rijm: maar zie eens Poe zo dichten. O, ‘t spits gevonden rijmend fenomeen schrijft uit het graf, tussen het zijden weefsel, de liefde voor een ingesloten wijsheid.
ONTMOETING Ik kwam mezelf tegen in de maartse zon om een uur of negen bij centraal station. Ik groette hem beleefd; hij zei geen woord terug. Was het zó lang geleden? Wat gaat de tijd toch vlug! Hij kende mij niet meer, maar als ik eerlijk ben: ik was hem ook vergeten tot op dit moment. Ik liet mezelf maar gaan. Het had geen zin om stil te staan om over vroeger wat te praten. Ik heb het zo gelaten.
DICHTER Dichter bij het leven dichter bij de dood dichter om te geven woorden voor wat brood. Lichter dan het leven lichter dan de dood lichter om het even woorden zwaar als lood. Doder dan wat woorden doder dan de taal doder is het horen leven zonder woorden. Levender dan woorden levender dan taal levender te horen mensen zoveel maal.
LANGE WEG Lange weg die voor je ligt zolang het leven is; woorden schrijven een gedicht zoals gegeven is. Zoals elk evenwicht even maar kan voortbestaan zo kan de weg die voor je ligt niet eindloos verder gaan. Niet zonder einde gaan er woorden in die zin. Gedachten kunnen zich spontaan omkeren tot begin. De lange weg die voor je ligt teruggaan tot het eind; het denkbeeld dat je voet verlicht en je daarvan bevrijdt.
TOEKOMST Duister blijft voor wie niet ziet verder dan een lengte arm of beslagen raam voor ogen. Dwaze bol die wereld heet wendt zich om en om in as zet zijn wederhelft in duister. Kracht van zwaarte, krommen kruipen rond in stof, even gewicht; machteloos, maar opgericht. Licht naar de dag die nachtloos waakt reik hoopvol uit wachtende handen Er is geen keus: de aarde draait voor wie niets ziet dan licht.
VERBORGEN LEVEN Dagen zijn als alle andere opgestaan gegaan naar buiten wereld weigert te veranderen anders dan door ogen zien. Leven toont zich niet misschien onderhuids bewogen lading welke werkelijkheid wacht er achter elke handeling. Doe de voetstap breed berekend afstand met een nadere poging zonder zichtbaar diep betekend onbedachte aarzeling. Gaat het zo aan je voorbij onverloren schuilend ding welke wereld wordt ontketend onbewogen spiegeling.
POËTEN Ik ben die laatste stad voorbij gegaan, maar heb de berg niet achter mij gelaten. Voor wie dit lezen wil als een vroom man: hoofse saudades zijn versluierend verlaten. Van vriezen balkt men hier ter land victorie; schier werd de beek woestijn, door ‘n nare kou. In ‘t holst van Roland's lied verkrampt de glorie; verwarrend donker: houd ‘t oog op het vinkentouw! Vast als een duur perron, kaal, ‘t is maar niks grijzen; die els schoot op in ‘t perk der verre wei, mijlen ver van Jhan; lood om oud eizen. De kop van ‘t land, en met ‘s mans mars erbij, doet, stralend licht, een nieuwe hof verrijzen, als favoriet; ha, kom in de rij.
klein ik ben zo klein zo klein als jij het zo te zijn lijkt bijna pijn je aandacht richt zich nu op mij je ogen gaan mij lezen je handen strelen over mij je adem doet mij leven ik leef afhankelijk van jou jouw taal aan mij gegeven jouw lezen is mijn levenstocht jouw woorden zijn geschreven ben ik te klein te klein voor jou toch is het fijn bij jou te zijn
STIL LEVEN Woorden sterven op papier worden zinnen zonder adem vormen lege tekens die betekenissen zijn verzameld. Sprakeloos verdwijnen klanken in het heengaan van de tijd blijft begrijpen onveranderd zoeken mensen er voorbij. Langzaam wordt het leven stil kan de leemte niet vervullen die bewegend voort moet gaan adem van verstikt bestaan. Mantel liefde moet verhullen beelden van verstild stil leven.
INGEVING O, inspiratie, ge komt mij kwellen in schier onmogelijke oorden. Wat ik met u daar heb te stellen is niet te vatten in deez' woorden. Zet ik mij bij wijlen neder voor een persoonlijk overpeinzen dan, ai mij! zijt gij er weder en wilt dien druk terug doen deinzen... Naarstig zoek ik naar mijn pen om uw gefluister te noteren, maar helaas schijnt mij dan net een papier te moeten ontberen. Geprikkeld grijp ik snel een vod dat voor mij lijkt weggelegd en schrijf ik ijverig en vlot wat gij in mijn gedachten zegt. Plots verstijf ik, want, o schrik! in ‘t vuur van mijn gedicht heb ik deez' schone poëzie bezoedeld en als ‘n uitdrukking doorgespoeld!
VROEGER Kon ik voor een kort moment weer klein zijn en weer kind; dan was ik voor heel even maar in staat om onbevangen de achterdeur weer uit te gaan en aan de klink te hangen eventjes, bij heldere nacht, de sterren te aanschouwen. Even later ging ik dan als trouwe volgeling en moeders lief de trap omhoog, waar ik ontving voor al ‘t gedane van die dag een slaapvers en een zoen. Dat zul je nooit meer doen. Maar toch, de sterren stralen nog, tot wolken ze verdringen uit mijn herinneringen.
ACHTER Anders weer moet alles worden woorden telkens nieuw gewogen welke waarheid uitgesproken achter de herhaalde vormen. Proef de woorden in je mond zie ze niet achterste tong klanken vormen zich tot taal die de tekens beeldend vormt. Anders dan je ziet en hoort speelt het leven slechts een spel leeft het wezen mens maar even. Deze woorden weergegeven leven echt een ander leven achter wat hier niet kan staan.
NOOIT Kom niet terug waarom de vragen stellen die niemand nog vermoedt. Ga niet voorbij de poging te hervinden waar niemand meer naar zoekt. Antwoord vooruit tot er geen vragen zijn het eind in mist verdwijnt. Geest uit een fles met onbeschreven handen. Niets komt terug dat nooit iemand zal vinden.
MARSMANIA Huilend om Holland zie ik duizenden buien lui door druilerig landschap gaan, grauwe onleefbaar vuile fabrieken al rookpluimend aan de randstad staan; en op de eindeloze asfaltige straten de autorijen gespreid over ‘t land, stoplichten, borden, opgebroken wegen, lichtmast en flitspaal in zinloos verband. de smog hangt er laag en de zon wordt er langzaam in grauwe geelkleurige dampen gesmoord, en in d'hofstad in ‘t westen wordt de stem der protesten tegen d'eeuwige rampen gesneerd, ongehoord.
LIED In het lied dat ik verzin zullen alle woorden staan die elke zin weer anders zijn. Verliefd, is dat een goed begin om te zijn verslingerd aan de kunst als nieuw te leven? Dit denkbeeld is als niets zo mooi het lijkt echt, voor maar even. Elke zin vormt in dit lied het middelpunt, dierbare adem. En een eenvoudig enkel woord verschijnt, om als een lied te zijn: "Jij".
[./cumulipoeziepag.html]
[./gbcumulimusicologypag.html]
This is a ‘slow-site’ so take your time!
[Web Creator] [LMSOFT]